landingspagina bouwen

Landingspagina maken voor je online cursus: zo bouw je hem op

Je hebt maanden aan je cursus gewerkt, je zet hem online, je deelt de link — en dan blijft het stil. Geen aankopen, geen aanmeldingen, alleen een bezoekersteller die zegt dat mensen er wél zijn geweest. Meestal ligt dat niet aan je cursus. Het ligt aan de pagina waar je ze naartoe stuurt.

Een landingspagina maken doe je door één pagina te bouwen met precies één doel: de bezoeker die actie laten ondernemen waarvoor je hem hebt uitgenodigd. Alles wat daar niet aan bijdraagt — je menu, je zijbalk, je andere aanbod — haal je eraf. Wat er wél op staat, staat in een vaste volgorde die de twijfel van je bezoeker stap voor stap wegneemt. Die volgorde krijg je hieronder, blok voor blok.

In dit artikel lees je:

  • wat een landingspagina precies is, hoe hij verschilt van een gewone website en van je cursuspagina;
  • de elf blokken waaruit een goede landingspagina bestaat, in de volgorde waarin je ze neerzet;
  • hoe je de belofte, de knoppen, het bewijs en de teksten schrijft die het verschil maken;
  • een volledig uitgeschreven voorbeeld van een landingspagina voor een online cursus;
  • wat het kost als je het laat maken, en wat je met Maatos zelf kunt bouwen.

Geen theorie waar je niets mee kunt, maar de indeling die je vanmiddag nog kunt overnemen.

Wat is een landingspagina precies?

Een landingspagina is één webpagina die is ontworpen om bezoekers tot één specifieke actie te bewegen. Je aanmelden voor een cursus, een e-book downloaden, je inschrijven voor een webinar of op een wachtlijst gaan: één doel, één pagina. Mensen komen er meestal binnen via een advertentie, een e-mail, een link in een social post of een zoekresultaat — en die pagina moet in z’n eentje het hele verhaal rond krijgen.

Dat is meteen het lastige. Op een gewone website mag je bezoeker rondkijken. Op een landingspagina heb je één kans, en elke extra klikmogelijkheid is een uitgang.

Wat is het verschil tussen een landingspagina en een website?

Op drie punten, en ze hangen met elkaar samen.

Het begint bij de focus. Een landingspagina heeft één doel en één primaire knop, terwijl een website er veel heeft: informeren, contact leggen, je blog laten lezen, je aanbod tonen. Die breedte is voor een website een kracht en voor een landingspagina een lek.

Dat werkt door in de inhoud. Op een landingspagina staat alleen wat nodig is om iemand over de streep te trekken, niet alles wat je over het onderwerp weet. Een website mag uitgebreid zijn; een landingspagina is een selectie uit alles wat je zou kúnnen vertellen.

En dan de navigatie, het verschil dat de meeste mensen overslaan. Op een landingspagina haal je het menu, de zijbalk en de footerlinks weg, of beperk je ze tot het hoogstnoodzakelijke. Elke link die niet naar je doel leidt, leidt ervandaan. Op je homepage wil je juist dat mensen doorklikken — daar gelden andere regels.

Vergelijking van drie kolommen: landingspagina, cursuspagina en website, met per kolom het doel, het menu, de inhoud, de levensduur en het aantal knoppen.
Een landingspagina, een cursuspagina en een website verschillen in doel, navigatie, inhoud en levensduur.

Landingspagina of cursuspagina — wat heb jij nodig?

Dit is de vraag waar cursusmakers het vaakst op vastlopen, en hij wordt zelden gesteld. Kort antwoord: je cursuspagina is de vaste plek op je website waar je cursus staat, met alle informatie, en die je het hele jaar door gebruikt. Een landingspagina is tijdelijker en smaller: hij hoort bij één campagne, één aanbod of één doelgroep, en hij bestaat om te converteren.

Vaak heb je ze allebei. Je cursuspagina vangt het verkeer op dat via Google of via je menu binnenkomt en oriënterend is. Je landingspagina zet je in als je een lancering doet, een advertentie draait, een e-mail verstuurt of een gratis weggever aanbiedt. Heb je nog maar één cursus en geen campagnes? Dan is je cursuspagina in feite je landingspagina, en pas je alles hieronder daarop toe.

En als je cursus nog niet af is: een landingspagina is dan juist het slimste dat je kunt bouwen. Je zet één pagina neer die je aanbod belooft en e-mailadressen verzamelt, en zo bouw je een wachtlijst op vóórdat je de cursus maakt. Dat is meteen de goedkoopste manier om je cursusidee te valideren: schrijven mensen zich in, dan is er vraag.

Waar zet je een landingspagina voor in?

Drie dingen doet een landingspagina beter dan welke andere pagina ook.

Hij verhoogt je conversie, simpelweg omdat de boodschap en de knop precies aansluiten op de reden waarom iemand klikte. Wie op een advertentie over “Excel voor beginners” klikt en op een pagina over Excel voor beginners landt, haakt minder snel af dan wie op je homepage belandt.

Hij verzamelt gegevens. Een formulier op een landingspagina levert je e-mailadressen op waarmee je later kunt verkopen. Dat is de basis van elke verkoopfunnel: eerst iets waardevols weggeven, dan het gesprek voortzetten via een e-mailflow.

En hij ondersteunt losse campagnes. Een lancering, een tijdelijke actie, een samenwerking, een gratis proefles: elk daarvan verdient een eigen pagina met een eigen boodschap. Je hoeft je hele site niet om te bouwen voor een actie van twee weken.

De opbouw van een landingspagina: elf blokken op volgorde

Een landingspagina vertelt een verhaal, en dat verhaal heeft een volgorde. Je introduceert een probleem, je laat je oplossing zien, je legt uit waarom die werkt, je bewijst het, en dan pas vraag je iets. Zet je die stukken door elkaar, dan vraag je om vertrouwen dat je nog niet hebt verdiend.

Dit is de indeling die voor cursussen bijna altijd werkt. Gebruik hem als skelet en laat blokken weg die voor jouw aanbod niet kloppen — maar verander de volgorde niet zomaar.

  1. Kop met de belofte. Wat leert iemand, en wat levert dat op? Dit is het enige blok dat iedereen leest.
  2. Subkop met de nuance. Voor wie het is, hoe lang het duurt, in welke vorm.
  3. Beeld of trailer. Laat zien wat ze krijgen: jij in beeld, een stukje les, een blik in de omgeving.
  4. Eerste call-to-action. Direct zichtbaar, voor wie al overtuigd binnenkomt.
  5. Het probleem. Benoem waar je lezer nu vastloopt, in zijn eigen woorden.
  6. Wat de cursus oplost. Van probleem naar resultaat, concreet gemaakt.
  7. Wat je precies krijgt. Modules, lesduur, opdrachten, toetsen, certificaat, toegangsduur.
  8. Wie jij bent. Waarom mag jij dit uitleggen? Kort, en met bewijs.
  9. Sociaal bewijs. Reviews, resultaten, logo’s, aantallen.
  10. Prijs, betaalopties en garantie. Inclusief wat er gebeurt als het tegenvalt.
  11. FAQ en de laatste call-to-action. De twijfels weg, en dan de knop.
Genummerd schema van de elf blokken van een landingspagina, van de kop met de belofte bovenaan tot de FAQ met de laatste knop onderaan.
De elf blokken op volgorde. Laat er gerust een weg, maar wissel de volgorde niet om.

De blokken 5 tot en met 7 zijn het hart van je pagina en tegelijk het stuk dat de meeste cursusmakers overslaan. Ze springen van “dit is mijn cursus” naar “koop nu”, en verwachten dat de lezer het tussenliggende denkwerk zelf doet.

Wat moet er boven de vouw staan?

“Boven de vouw” is alles wat iemand ziet zonder te scrollen. Op dat halve scherm beslist je bezoeker of hij blijft. Daar horen precies vier dingen te staan: je belofte, één zin die hem preciseert, een beeld dat klopt, en één knop.

Wat er níet hoort: een carrousel, een cookiemuur die het halve scherm bedekt, een video die automatisch begint te spelen, of drie knoppen die er hetzelfde uitzien. En let op: op een telefoon is dat eerste scherm een fractie van wat je op je laptop ziet. Meer daarover verderop.

Schets van een browservenster waarin boven de stippellijn van de vouw de belofte, een toelichtende zin, een beeld en één knop staan, en daaronder het probleem, de oplossing en wat je krijgt.
Boven de vouw horen precies vier dingen: je belofte, één toelichtende zin, een kloppend beeld en één knop.

Je belofte: waarom zou iemand jouw cursus kiezen?

Wat is een unieke waardepropositie?

Je unieke waardepropositie is de belofte die je aan je bezoeker doet over wat hij overhoudt aan jouw cursus. Het is wat jou onderscheidt van de tientallen andere cursussen over hetzelfde onderwerp, en de reden waarom iemand juist bij jou koopt. Kort, concreet, en bovenaan de pagina.

De valkuil is dat je opschrijft wát je aanbiedt in plaats van wat het oplevert. “Een online cursus over projectmanagement” is een omschrijving. “In zes weken je eerste project op tijd en binnen budget opleveren” is een belofte.

Voorbeelden van sterke beloftes

  • “Leer Photoshop in 30 dagen: van beginner tot pro.” Een duidelijk eindpunt binnen een afgebakende tijd.
  • “Krijg binnen 3 maanden een baan als frontend developer.” Hier zit het echte doel achter het leren in: werkzekerheid.
  • “Beheers Excel en bespaar uren werk per week.” De winst is tijd, en dat spreekt vrijwel iedereen aan.

Wat deze drie gemeen hebben: ze noemen een resultaat, geen inhoudsopgave. Kun jij die zin voor jouw cursus niet maken, dan is dat geen tekstprobleem — dan is je aanbod nog niet scherp.

Hoe breng je die belofte over?

Gebruik krachtige, concrete taal. Woorden als “ontdek”, “beheers”, “bouw” en “transformeer” doen meer dan “leren over” of “inzicht krijgen in”.

Wees specifiek. “Leer JavaScript in 4 weken” is sterker dan “verbeter je programmeervaardigheden”. Getallen, termijnen en herkenbare eindresultaten maken een belofte controleerbaar, en dus geloofwaardiger.

Maak het zichtbaar. Een icoon, een screenshot van het eindresultaat of een korte video die in dertig seconden laat zien waar het heen gaat, doet vaak meer dan een extra alinea. Een goede cursustrailer is hier de moeite waard, en ook je stilstaande beeldmateriaal verdient aandacht.

Zet hem bovenaan. Je belofte is het eerste wat iemand leest, niet iets wat halverwege opduikt. Herhaal hem gerust vlak boven je laatste knop.

Combineer sterke tekst met een beeld dat klopt en je hebt binnen een paar seconden duidelijk gemaakt waarom deze pagina de moeite waard is. Dat is precies wat je boven de vouw nodig hebt — en het scheelt dat je huisstijl consequent is, want je merk doet meer dan alleen mooi ogen.

Een call-to-action die mensen echt aanklikken

Je call-to-action is de knop waar alles op de pagina naartoe werkt. Hij lijkt het simpelste onderdeel en is het vaakst het zwakste.

Wat maakt een CTA effectief?

Een goede knoptekst laat om te beginnen geen twijfel bestaan over wat er gebeurt als je klikt. “Schrijf je in”, “Download het e-book” en “Start je gratis proefperiode” doen dat; “Verzenden” en “Meer informatie” vertellen niets.

Daarnaast moet de knop aansluiten op de belofte die erboven staat. Beloof je een gratis proefles, dan zegt de knop “Bekijk de gratis proefles” en niet “Koop nu” — anders vraag je iets anders dan je hebt aangekondigd, en dat voelt een bezoeker meteen.

Tot slot mag er een tijdgebonden zetje bij, mits het waar is. “Aanmelden kan tot vrijdag” of “de prijs gaat op 1 oktober omhoog” werkt, zolang die datum ook echt iets betekent. Meer over eerlijke urgentie verderop.

Sterkere knopteksten dan “Koop nu”

  • “Ontvang gratis advies”
  • “Probeer de eerste les gratis”
  • “Ontdek wat je leert”
  • “Claim jouw plek”

Een klein trucje dat verrassend goed werkt: schrijf de knop vanuit de bezoeker. “Ja, ik wil de eerste les” leest anders dan “Verstuur”.

Zorg dat je knop niet te missen is

Zet om te beginnen één knop boven de vouw, en herhaal hem daarna na elk blok dat een argument afsluit: na het aanbod, na het sociale bewijs, na de prijs, onderaan de FAQ. Steeds dezelfde knop met dezelfde tekst, zodat er niets nieuws te beslissen valt.

Geef die knop vervolgens een kleur die verder nergens op de pagina terugkomt. Staat je hele pagina in je huisstijl en is je knop de enige felle vlek, dan weet het oog meteen waar het heen moet.

En let op de tekst eromheen. Onder je knop past één zinnetje dat de laatste weerstand wegneemt: “30 dagen niet-goed-geld-terug”, “direct toegang”, “betalen kan met iDeal”. Dat ene zinnetje doet soms meer dan de knop zelf.

Eén knop krijgt de aandacht. Heb je een tweede actie — bijvoorbeeld “bekijk het programma” naast “schrijf je in” — geef die dan duidelijk minder gewicht: een tekstlink of een knop zonder vulkleur. Twee knoppen die er identiek uitzien zijn hetzelfde als geen keuze maken.

Sociaal bewijs: laat anderen het zeggen

Sociaal bewijs verhoogt de geloofwaardigheid van je aanbod, omdat mensen afgaan op wat anderen vóór hen deden. Zien potentiële cursisten dat er al mensen zijn die jouw cursus hebben gevolgd en er iets aan hadden, dan durven ze zelf ook.

Wat je kunt inzetten:

  • Beoordelingen, reviews en testimonials van cursisten, het liefst met naam, foto en één concreet resultaat. “Fijne cursus!” overtuigt niemand. “Ik heb hierna mijn eerste drie klanten binnengehaald” wel.
  • Aantallen. Hoeveel mensen volgden de cursus, hoeveel lessen, hoeveel jaar geef je dit al.
  • Bekende namen of organisaties die met je werkten of je aanbevelen, als je die hebt.

Vraag bij het ophalen van een review om het probleem én de oplossing: “waar liep je tegenaan voordat je begon, en wat is er nu anders?” Dat levert een bruikbaar citaat op in plaats van een compliment. Onze 22 vragen om bruikbare feedback te krijgen helpen daarbij, en waarom dit psychologisch zo sterk werkt lees je in de kracht van social proof.

En als je nog geen cursisten hebt?

Verzin er dan geen. Bezoekers prikken door nepreviews heen, en één keer betrapt worden op een verzonnen ervaring kost je meer dan je met tien echte wint.

Wat je wél kunt doen als je net begint: laat een paar mensen de cursus gratis of tegen een lanceerprijs doorlopen in ruil voor eerlijke feedback. Toon bewijs uit je eigen praktijk in plaats van uit je cursus — resultaten van klanten, je werk, je opleiding, je jaren ervaring. Laat een fragment uit de cursus zelf zien, zodat mensen de kwaliteit kunnen beoordelen in plaats van erop te moeten vertrouwen. En zet je gezicht op de pagina: een echt persoon is ook een vorm van bewijs.

Urgentie zonder trucjes

Mensen stellen beslissingen uit, en een deadline haalt ze uit het uitstelgedrag. Manieren die werken:

  • Een tijdslimiet op een korting of bonus (“de introductieprijs geldt tot en met zondag”);
  • Beperkte beschikbaarheid, als die er echt is (“ik begeleid deze ronde maximaal 20 deelnemers”);
  • Een bonus voor wie snel beslist, bijvoorbeeld een extra live vragenuur voor de eerste inschrijvers.

De voorwaarde staat in de kop van deze sectie: het moet kloppen. Een afteller die elke keer opnieuw begint als je de pagina ververst, of “nog maar 3 plekken” bij een cursus met een onbeperkt aantal plaatsen, werkt precies één keer. Daarna weet je bezoeker dat je hem voor de gek houdt, en dat straalt af op de rest van je aanbod. Hoe je schaarste eerlijk toepast hebben we apart uitgewerkt, net als de zeven principes van Cialdini waar urgentie en sociaal bewijs allebei uit voortkomen.

Vind je dit soort druk zetten onprettig? Dat is geen zwakte. Er zijn genoeg manieren om te verkopen zonder pusherig te worden — een echte deadline die je één keer noemt, is er daar één van.

Hoe schrijf je de tekst voor je landingspagina?

De tekst doet het meeste werk op je pagina, en het is het onderdeel waar de meeste cursusmakers het langst op vastlopen. Niet omdat ze niet kunnen schrijven, maar omdat ze over hun cursus schrijven in plaats van over hun lezer.

Eén regel maakt al verschil: vervang elke zin die met “wij” of “ik” begint door een zin die over “jij” gaat. “Onze cursus behandelt tien modules” wordt “Je werkt in tien modules toe naar je eerste eigen project”. Zelfde inhoud, ander effect.

Verzamel voordat je begint de woorden van je doelgroep. Kijk in je e-mails, je DM’s, de vragen onder je posts, de reviews van vergelijkbare cursussen. Schrijf letterlijk over hoe mensen hun probleem omschrijven. Je hoeft geen mooie zinnen te bedenken als je de zinnen van je lezer al hebt.

Vijf stappen naast elkaar voor de tekst op een landingspagina: klanttaal, pijn, resultaat, bewijs en knop.
De volgorde waarin je je tekst opbouwt, van de woorden van je lezer naar één duidelijke knop.

Daarna houd je deze vijf punten aan.

1. Begin bij de pijn

Wat zit je doelgroep dwars? Waar loopt hij op vast, en wat heeft hij al geprobeerd? Benoem die pijnpunten als eerste, en zo concreet mogelijk. Iemand die zichzelf herkent in de eerste twee zinnen, leest de rest.

2. Ga dan naar wat het oplevert

Leg uit hoe je cursus dat probleem oplost. Niet in termen van lesstof, maar in termen van wat iemand daarna kan. Van “module 3 behandelt tariefstelling” naar “na module 3 weet je wat je vraagt en durf je het te zeggen”.

3. Schrijf zoals je praat

Vermijd vakjargon en lange zinnen. Schrijf alsof je het aan één iemand uitlegt aan de keukentafel. Korte alinea’s, tussenkoppen die de inhoud verklappen, en genoeg witruimte — want mensen lezen online niet, ze scannen.

4. Laat anderen het bevestigen

Zet ervaringen van cursisten niet allemaal onderaan in een blok, maar verspreid ze over de pagina, telkens naast het argument dat ze onderbouwen. Een review over hoe praktisch de opdrachten zijn hoort naast het blok over de opdrachten.

5. Wees concreet

Vertel precies wat iemand krijgt: het aantal modules, de totale videoduur, of er opdrachten en toetsen zijn, of er een certificaat is, hoe lang de toegang loopt en of er updates bij zitten. Hoe minder er te raden valt, hoe makkelijker de beslissing. Dit stuk overlapt sterk met een goede cursusbeschrijving schrijven, waar we template en voorbeeld in detail hebben uitgewerkt — en het helpt enorm als de structuur van je cursus om te beginnen al helder is.

Een FAQ-sectie die twijfels wegneemt

Een sectie met veelgestelde vragen onderaan je landingspagina is een van de blokken die de meeste twijfel wegneemt. Bezoekers hebben vlak voor het kopen bijna altijd nog een vraag, en als ze het antwoord niet vinden, kopen ze niet — ze mailen je meestal ook niet.

Waarom hij werkt:

  • Hij bouwt vertrouwen. Een maker die zelf de lastige vragen opschrijft, heeft blijkbaar niets te verbergen.
  • Hij geeft snel informatie. Wie alleen wil weten hoe lang de toegang loopt, hoeft niet de hele pagina door.
  • Hij scheelt jou tijd. Elke vraag die je op de pagina beantwoordt, krijg je niet meer per mail.

En zo neemt hij twijfel weg:

  • Geef direct antwoord. Twijfelt iemand over het niveau, dan hoort er een vraag te staan als “Is dit geschikt als ik nog nooit met X heb gewerkt?” — met een eerlijk antwoord, ook als dat “nee, hier begin je beter met…” is.
  • Adresseer de echte bezwaren. “Wat als de cursus me niet bevalt?” verdient een duidelijk antwoord over je garantie of bedenktijd. Ontwijk die vraag niet; hij wordt toch gesteld.
  • Gebruik hem om voordelen te laten zien. Op “Waarin verschilt dit van andere cursussen?” mag je gewoon je sterkste argument geven.

Wij zien bij cursusmakers steeds dezelfde twee vragen terugkomen: op welk niveau de cursus zit, en welke voorkennis je nodig hebt. Precies die twee horen dus in je FAQ, en precies die twee ontbreken er meestal. Welke vragen er verder in horen, hoef je niet te verzinnen. Verzamel ze: kijk terug in je inbox, vraag het aan een paar mensen uit je doelgroep, en let op waar mensen tijdens een gesprek gaan aarzelen. Dat zijn je vragen. Wil je er een aparte pagina van maken naast de vragen op je landingspagina, dan hebben we het maken van een FAQ-pagina apart beschreven.

Zet je FAQ als uitklapbare vragen neer, zodat de pagina niet eindeloos wordt, en houd de antwoorden kort — twee tot vier zinnen die op zichzelf te begrijpen zijn. Dat leest prettiger, en het maakt de kans groter dat Google en AI-zoekmachines je antwoord overnemen.

Prijs, betalen en garantie: het blok dat cursusmakers overslaan

Hier ligt het verschil tussen een landingspagina voor een dienst en een landingspagina voor een cursus. Bij een cursus wordt er meteen betaald, en dat roept een reeks vragen op die je op de pagina moet afvangen.

Toon je prijs. Een pagina zonder prijs, met alleen “neem contact op”, kost je verkopen bij een product van een paar honderd euro. Mensen willen weten waar ze aan toe zijn.

Wees duidelijk over btw. Verkoop je aan particulieren, noem dan de prijs inclusief btw; verkoop je aan zakelijke klanten, dan is exclusief gebruikelijker — maar zet er altijd bij welke je toont. Hoe btw op online cursussen precies uitpakt, inclusief de regels voor verkoop over de grens, staat in ons artikel over btw en online cursussen.

Laat zien hoe er betaald kan worden. In Nederland verwacht vrijwel iedereen iDeal. Staat dat logo er niet, dan haakt een deel af — niet omdat ze niet willen betalen, maar omdat ze twijfelen of het wel een echte winkel is. Via de koppeling met Mollie regel je in een Maatos-omgeving iDeal, Bancontact, creditcard en PayPal; hoe dat werkt lees je in betalingen ontvangen op je cursusplatform.

Overweeg gespreid betalen bij een duurdere cursus. Drie termijnen van € 99 voelt anders dan € 297 in één keer, ook als het bedrag hetzelfde is. En denk na over de vorm van je aanbod: eenmalig bedrag of abonnement verandert hoe je pagina eruitziet.

Neem je garantie op. Bij digitale content is het herroepingsrecht anders geregeld dan bij fysieke producten — je mag daar iets over afspreken, mits je het goed doet. Wat wel en niet mag rond cursussen, certificaten en voorwaarden hebben we uitgezocht in mag ik zomaar cursussen en certificaten geven?. Bied je uit vrije wil een niet-goed-geld-terugregeling, zet die dan groot op de pagina. Hij haalt de laatste rem eraf.

Vergeet de bedanktpagina niet. Bijna iedereen stopt met nadenken zodra de knop is ingedrukt, terwijl de bedanktpagina precies het moment is waarop je koper het meest enthousiast is. Vertel wat er nu gebeurt, wanneer hij de mail krijgt, waar hij inlogt en wat de eerste stap in de cursus is. Dat scheelt supportvragen en het zorgt ervoor dat mensen daadwerkelijk beginnen — de eerste voorwaarde om afhakers te voorkomen.

Mobiel: een groot deel van je bezoekers ziet iets anders dan jij

Je bouwt je pagina op een laptop en je beoordeelt hem op een laptop. Je bezoekers komen voor een groot deel binnen op een telefoon, vaak vanuit een link in Instagram, WhatsApp of een e-mail. Wat op jouw scherm een strak eerste beeld is, is op die telefoon soms alleen een halve kop en een stuk afbeelding.

Loop daarom altijd deze drie dingen na op je eigen telefoon, niet in een previewvenster:

  1. Wat zie ik zonder te scrollen? Staat mijn belofte er, en is de knop bereikbaar? Zo niet: kort de kop in, verklein het beeld of zet de knop hoger.
  2. Hoeveel scrollen kost het tot het volgende argument? Blokken die op desktop naast elkaar staan, komen op mobiel onder elkaar en maken de pagina soms drie keer zo lang. Haal weg wat op mobiel geen werk doet.
  3. Werkt het formulier met één duim? Grote invoervelden, een groot knopvlak, en niet meer velden dan strikt nodig. Elk extra veld kost inschrijvingen — vraag om een e-mailadres en hoogstens een voornaam.
Dezelfde landingspagina naast elkaar op een laptop en op een telefoon; op de telefoon valt de knop onder de vouw.
Wat op je laptop netjes in het eerste scherm past, zakt op een telefoon zo onder de vouw.

Test daarnaast hoe snel de pagina laadt. Grote, niet-geoptimaliseerde afbeeldingen zijn een van de meest voorkomende oorzaken van een trage landingspagina, en op een mobiele verbinding is dat het verschil tussen een bezoeker en een bounce.

Vindbaar worden met je landingspagina

Een landingspagina die je alleen via advertenties en e-mail gebruikt, hoeft niet in Google te staan. Maar veel cursusmakers gebruiken hun landingspagina óók als de pagina waarop mensen hun cursus vinden — en dan is het zonde om er niets aan te doen.

Het komt neer op vier dingen. Kies één zoekterm waar de pagina echt over gaat, en verwerk die in de paginatitel, de eerste alinea en één tussenkop — één keer per plek, niet vijf keer. Schrijf een paginatitel en een metabeschrijving die iemand willen laten klikken, want die twee bepalen of je gevonden verkeer ook echt binnenkomt. Gebruik een logische koppenstructuur, zodat zoekmachines zien hoe je pagina in elkaar zit. En zorg dat de pagina snel laadt en op mobiel werkt.

In een Maatos-omgeving zit Yoast ingebouwd, dus je krijgt bij het invullen van je titel en beschrijving meteen te zien wat er nog rammelt. De bredere aanpak staat in je cursus vindbaar maken met SEO.

Testen en verbeteren: wat je meet en wat je aanpast

Een landingspagina is nooit af. De eerste versie is een aanname; wat er daarna gebeurt is data.

Kijk om te beginnen naar drie getallen: hoeveel mensen komen er, hoeveel klikken er op je knop, en hoeveel ronden de aankoop of aanmelding af. Zakt het vooral tussen het bezoek en de klik, dan ligt het aan je belofte, je beeld of je aanbod. Zakt het tussen de klik en de afronding, dan ligt het aan je bestelproces: te veel velden, een betaalmethode die ontbreekt, of onduidelijkheid over wat er daarna gebeurt.

Wil je verbeteren, verander dan één ding per keer. Zet twee versies van je kop tegenover elkaar, of twee knopteksten, en laat ze lang genoeg lopen om iets te betekenen. Verander je vijf dingen tegelijk en het gaat beter, dan weet je nog steeds niet waarom.

Wat je het eerst zou testen: je kop, je knoptekst, de plek van je prijs, en het aantal velden in je formulier. Dat zijn in de praktijk de vier knoppen met het meeste effect.

Veelgemaakte fouten op landingspagina’s van cursusmakers

De fouten die we het vaakst tegenkomen — en die je in tien minuten kunt herstellen:

  • Het volledige menu staat er nog op. Je hebt een landingspagina gemaakt en tegelijk zeven uitgangen opengelaten.
  • De pagina gaat over jou. Je opleiding, je verhaal, je methode — vóórdat er ook maar één zin over de lezer staat.
  • Er staat geen prijs. Of hij staat helemaal onderaan, na twaalf schermen scrollen.
  • De knop zegt “Meer informatie”. Dan weet niemand of hij iets koopt, iets downloadt of ergens anders belandt.
  • Vier verschillende acties. Inschrijven, nieuwsbrief, contactformulier en “volg me op Instagram” op één pagina is geen landingspagina, dat is een menu.
  • Reviews zonder naam of gezicht. “— M.” overtuigt niemand.
  • Alleen tekst. Geen beeld van jou, van de omgeving of van het eindresultaat, terwijl mensen iets kopen wat ze niet kunnen vasthouden.
  • Nooit op een telefoon bekeken. Zie de vorige sectie.
  • Geen antwoord op de vraag “en dan?” Wat gebeurt er na het betalen, wanneer krijg ik toegang, hoe lang houd ik die?

Een uitgeschreven voorbeeld van een landingspagina

Theorie is prettig, een voorbeeld is bruikbaarder. Hieronder staat een complete landingspagina voor een verzonnen maar realistische cursus: Grafisch ontwerpen met Canva voor ondernemers, € 149, voor zzp’ers die hun eigen social posts willen maken. Neem de structuur over en vul je eigen inhoud in.

Kop: Maak in vier weken je eigen social posts — zonder ontwerper en zonder Photoshop

Subkop: Een praktische online cursus voor ondernemers die zelf hun beeld willen maken. 4 modules, 2,5 uur video, je werkt aan je eigen huisstijl.

Beeld: een korte trailer waarin je in 45 seconden een lege Canva-pagina omtovert tot een afgemaakte post.

Knop: Bekijk de eerste les gratis · daaronder klein: Direct toegang · iDeal, creditcard of PayPal

Het probleem: Je weet precies wat je wilt uitstralen, maar elke keer als je iets maakt ziet het er net niet uit. De ene post is blauw, de andere groen, de letters vallen weg op de foto. Een ontwerper inhuren voor elke Instagram-post kan niet uit, dus doe je het zelf — en kost het je elke keer een uur en een slecht gevoel.

De oplossing: In deze cursus leg je één keer je eigen sjablonenset aan. Daarna maak je een post in vijf minuten, en zien ze er allemaal uit alsof ze bij elkaar horen. Geen designtheorie, wel een werkwijze die je diezelfde middag toepast.

Wat je krijgt: vier modules (huisstijl, sjablonen, tekst op beeld, en publiceren), 2,5 uur video in korte lessen van 5 tot 8 minuten, een opdracht per module waarmee je aan je eigen materiaal werkt, een downloadbare sjablonenset om mee te beginnen, een certificaat na afronding, en twee jaar toegang inclusief updates.

Over mij: Ik ontwerp al twaalf jaar voor kleine ondernemers en heb de afgelopen drie jaar ruim tweehonderd zzp’ers hun eigen beeld leren maken. Ik ben geen Canva-medewerker; ik gebruik het gewoon dagelijks.

Sociaal bewijs: drie ervaringen met naam, foto en beroep, elk met één concreet resultaat (“ik maak nu in tien minuten een week aan posts”).

Prijs: € 149 inclusief btw. Eenmalig, geen abonnement. Betalen met iDeal, creditcard of PayPal. Niet tevreden binnen 14 dagen? Dan krijg je je geld terug.

FAQ: Heb ik een betaald Canva-account nodig? Hoeveel tijd kost het per week? Werkt dit ook als ik geen enkel gevoel voor design heb? Hoe lang houd ik toegang? Krijg ik een factuur?

Slotknop: Ja, ik wil mijn eigen sjablonenset · daaronder: 14 dagen niet-goed-geld-terug

Let bij dit voorbeeld op wat er níet staat: geen menu, geen zijbalk, geen tweede product, geen nieuwsbriefformulier dat met de koopknop concurreert. Eén pagina, één doel.

Zelf maken of laten maken? Wat het kost

Een terechte vraag, en het antwoord hangt vooral af van hoeveel landingspagina’s je nog gaat maken.

Laten maken. Nederlandse uurtarieven liggen in 2026 op € 50 tot € 100 voor een freelancer en € 75 tot € 150 voor een bureau, afhankelijk van junior of senior. Die bandbreedte komt uit twee gepubliceerde tarievenoverzichten: Searchlab (17 februari 2026) noemt € 75–125 voor bureaus en € 50–100 voor freelancers, en OnlineLabs (bijgewerkt 4 maart 2026) splitst het verder uit naar € 50–75 voor een beginnend freelancer, € 75–100 voor een ervaren freelancer, € 80–110 voor een junior bureau en € 100–150 voor een senior bureau. Datzelfde bureau rekent een starterswebsite van vijf tot acht pagina’s door op 34 uur, oftewel € 4.080 bij hun eigen tarief van € 120.

Eén losse landingspagina kost minder dan een hele site. Reken op ongeveer 8 tot 20 uur voor gesprek, ontwerp, bouw en teksten. Doorgerekend met bovenstaande tarieven kom je dan uit op grofweg € 400 tot € 2.000 bij een freelancer en € 600 tot € 3.000 bij een bureau, exclusief btw. Laat je alleen de teksten schrijven, dan zit je aan de onderkant van die reeks; wil je ook ontwerp en techniek, aan de bovenkant. Vraag altijd expliciet wat er niet bij zit — Searchlab waarschuwt dat content, fotografie, SEO-optimalisatie en de overstap van je oude website vaak buiten de offerte vallen, en dat kan er € 1.000 tot € 3.000 bovenop leggen. Voor een cursusmaker komt daar meestal nog de koppeling met je betaalsysteem bij, dus vraag daar apart naar.

Zelf maken. Als je een platform gebruikt waarin een pagina-editor zit, betaal je geen bouwuren en kun je de pagina zo vaak aanpassen als je wilt. Bij Maatos begint dat bij € 49 per maand voor Basis (€ 40,83 per maand bij jaarlijkse facturatie), en de eerste 30 dagen zijn gratis. Een heel jaar Basis komt daarmee op ongeveer € 490 tot € 588 exclusief btw — inclusief je website, hosting, cursusomgeving, cursistenbeheer en webshop, tot en met drie cursussen die je los verkoopt. Dat is minder dan één landingspagina bij een bureau, en het zit onderin wat een freelancer ervoor rekent — met dit verschil dat je er niet één pagina voor terugkrijgt maar je hele cursusbedrijf. Ben je nog aan het bouwen en verkoop je nog niets, dan kun je met het Ontwikkelabonnement van € 10 per maand alles inrichten voordat je live gaat.

En de tussenweg. Je hoeft niet te kiezen. Je kunt je omgeving en je eerste pagina laten opzetten via de Opstartservice en daarna zelf verder — dan betaal je één keer voor het startpunt en houd je alle latere wijzigingen in eigen hand. Voor de meeste cursusmakers is dat de verstandigste verdeling: het fundament uitbesteden, het sleutelen zelf doen.

Staafdiagram met de kosten van één landingspagina laten maken door een freelancer (€ 400 tot € 2.000) of een webbureau (€ 600 tot € 3.000), naast twaalf maanden Maatos Basis (€ 490 tot € 588).
Doorgerekend met de gepubliceerde Nederlandse uurtarieven van 2026. Bedragen exclusief btw.

Een landingspagina maken met Maatos

Maatos is een platform waarmee je je eigen cursuswebsite, cursusomgeving en verkoop in één systeem hebt. Wat betekent dat concreet voor de pagina die je hierboven hebt uitgetekend?

Een drag & drop website-editor. Je bouwt je pagina door blokken te slepen — tekst, beeld, video, knoppen, ervaringen — zonder een regel code. Je kiest een basistemplate en past die aan met je eigen kleuren, lettertypes en logo, of je laat het ontwerp over aan de Opstartservice.

Ingebouwde SEO via Yoast. Terwijl je je paginatitel en beschrijving invult, zie je meteen waar het beter kan. Zo ziet je pagina er niet alleen goed uit, maar is hij ook vindbaar.

Betalen via Mollie. iDeal, Bancontact, creditcard en PayPal zitten in de koppeling, en het systeem berekent zelf de btw en stuurt je cursisten een factuur. Dat scheelt precies het soort administratie waar je geen zin in hebt.

Koppelingen in plaats van losse tools. Google Analytics en Search Console koppel je zo aan je site, zodat je ziet wat je bezoekers doen, en je e-mailmarketing loopt via de integratie met bijvoorbeeld Klaviyo, MailChimp of ActiveCampaign — handig als je pagina vooral e-mailadressen verzamelt. In het cursistenoverzicht zie je daarna hoe ver mensen daadwerkelijk komen.

En als je verder wilt met conversie: in het Compleet-pakket zitten verkoopfunnels, geoptimaliseerde afrekenpagina’s, upsells, kassakoopjes, custom bedanktpagina’s en A/B-testen. Dat laatste is precies wat je nodig hebt voor de testsectie hierboven: twee versies van je kop naast elkaar, en dan de winnaar houden. Pop-ups om een aanbod uit te lichten zitten vanaf Premium. Alle verschillen staan op de prijzenpagina en het complete overzicht op de kenmerkenpagina.

En loop je vast, dan zit er een team achter dat je gewoon te woord staat. Dat is niet vanzelfsprekend bij een softwareabonnement, en het is een van de dingen waar cursusmakers ons het vaakst voor bedanken in hun reviews. Wil je eerst zien hoe de omgeving werkt zonder zelf te klikken? Schrijf je dan in voor een van onze rondleidingen. Twijfel je of Maatos bij jouw plannen past, dan is een videocall meestal genoeg om daarachter te komen. En hoe je de rest van je omgeving inricht, staat in ons artikel over een online leeromgeving maken.

Checklist: is je landingspagina af?

Loop deze twaalf punten langs voordat je de link deelt.

  1. Er staat één doel op de pagina en één primaire knop.
  2. Het menu, de zijbalk en de overbodige footerlinks zijn weg.
  3. Boven de vouw staan je belofte, één toelichtende zin, een kloppend beeld en een knop.
  4. Je belofte noemt een resultaat, geen inhoudsopgave.
  5. Het probleem van je lezer staat er vóór jouw oplossing.
  6. Er staat concreet wat iemand krijgt: modules, duur, opdrachten, certificaat, toegangsduur.
  7. Er staat wie jij bent en waarom jij dit mag uitleggen.
  8. Er staat echt sociaal bewijs, met naam en het liefst een gezicht.
  9. De prijs staat er, met btw-vermelding, de betaalopties en je garantie.
  10. Er is een FAQ met de vragen die je écht krijgt.
  11. Je hebt de pagina op je eigen telefoon bekeken en het formulier met één duim ingevuld.
  12. Je bedanktpagina vertelt wat er nu gebeurt.

Vink je er tien of meer af, dan staat je pagina er een stuk beter voor dan toen je begon.

Veelgestelde vragen over een landingspagina maken

Wat is een landingspagina in één zin?

Een landingspagina is één webpagina die is gebouwd om bezoekers tot één specifieke actie te bewegen, zoals inschrijven voor een cursus of een e-book downloaden. Anders dan een gewone webpagina heeft hij geen menu of zijbalk, zodat er geen afleiding is.

Hoe maak je zelf een landingspagina?

Bepaal eerst je ene doel, schrijf daarna je belofte en je teksten, en bouw de pagina pas als de tekst staat. Gebruik de vaste volgorde: belofte, subkop, beeld, knop, probleem, oplossing, wat je krijgt, wie je bent, bewijs, prijs, en de FAQ met een laatste knop. In een platform met een drag & drop-editor, zoals Maatos, sleep je die blokken op hun plek zonder te programmeren.

Hoe lang moet een landingspagina zijn?

Zo lang als nodig is om de twijfel weg te nemen. Voor een gratis weggever volstaat één scherm; voor een cursus van een paar honderd euro heb je bijna altijd meer nodig, omdat er meer te beslissen valt. De regel is niet “kort of lang”, maar: elk blok verdient zijn plek of hij gaat eruit.

Wat kost het om een landingspagina te laten maken?

Met de gepubliceerde Nederlandse uurtarieven van 2026 (€ 50–100 voor een freelancer, € 75–150 voor een bureau) en een realistische 8 tot 20 uur voor gesprek, ontwerp, bouw en tekst kom je op € 400 tot € 2.000 bij een freelancer en € 600 tot € 3.000 bij een bureau, exclusief btw. Zelf bouwen in een platform met een pagina-editor kost geen bouwuren; bij Maatos begint dat bij € 49 per maand.

Wat is het verschil tussen een landingspagina en een salespagina?

In de praktijk worden de termen door elkaar gebruikt. Een salespagina is een landingspagina waarvan het doel een verkoop is, meestal langer en met meer bewijs. Een landingspagina die alleen e-mailadressen verzamelt, is korter en wordt vaker een leadpagina of opt-inpagina genoemd.

Heb ik voor elke campagne een aparte landingspagina nodig?

Als de doelgroep of de belofte verschilt, wel. De kracht van een landingspagina zit in de aansluiting op de reden waarom iemand klikte; hoe beter die aansluit, hoe hoger je conversie. Draai je dezelfde advertentie voor dezelfde groep, dan is één pagina genoeg.

Moet er een formulier op mijn landingspagina?

Alleen als het doel van je pagina het verzamelen van gegevens is. Verkoop je direct, dan is de knop naar je bestelproces genoeg. Gebruik je wel een formulier, vraag dan zo min mogelijk: een e-mailadres, en hooguit een voornaam als je die in je mails wilt gebruiken.

Hoe weet ik of mijn landingspagina werkt?

Kijk naar drie cijfers: bezoekers, klikken op je knop en afgeronde aanmeldingen of aankopen. Valt het weg tussen bezoek en klik, dan is je aanbod of je belofte niet duidelijk genoeg. Valt het weg tussen klik en afronding, dan zit het probleem in je bestel- of aanmeldproces.

Aan de slag

Je hebt nu de indeling, de teksten, het voorbeeld en de checklist. Wat rest is de saaiste en belangrijkste stap: hem daadwerkelijk bouwen. Begin met je belofte, zet daarna het skelet van elf blokken neer met kladtekst, en verfijn pas als alles staat. Een pagina die vandaag online staat en morgen beter wordt, verkoopt meer dan een perfecte pagina die er over drie maanden komt.

Wil je die pagina bouwen op een plek waar ook je cursus, je betalingen en je cursisten samenkomen? Probeer Maatos 30 dagen gratis en zet je eerste landingspagina in de editor neer — je hoeft niets te installeren, en die eerste 30 dagen verplichten je tot niets. Liever eerst rustig alles op een rij? Download dan het gratis e-book over landingspagina’s maken, met voorbeelden, tips en een checklist om naast je scherm te leggen.

Meer lezen over het opzetten van je cursusomgeving vind je in de categorie Cursus Omgeving Maken. Succes met bouwen.

Artikel uit de categorie:

Foto van Vicky Frissen

Vicky Frissen

Met blogs vol tips en vergeet-dit-nietjes schrijft copywriter Vicky over hoe je van je cursus een succes maakt - en er nog plezier aan beleeft ook.

Voorkom deze fouten!

Download ons gratis e-book en voorkom de 10 meest gemaakte fouten bij online cursussen.

Download gratis e-book

Ontdek de 10 meest gemaakte fouten bij online cursussen

Maak betere cursussen. Verkoop meer cursussen.

Trends, tools en tips: we sturen je om de week de updates die je nodig hebt. Je kunt je op elk moment uitschrijven.

Gratis e-book

Maak jij deze 10 fouten niet?

Trends, tools en tips: we geven je wekelijks de updates die je nodig hebt. Je kunt je op elk moment uitschrijven.